Vergeet niet dat deze mensen voor 18 maanden uitgezonden werden en dat volbrachten onder de meest primitieve omstandigheden en in de uiterste soberheid. Ik zei U al dat op reünies dit verschil wel eens opvallend is. Evenzo ben ik er van overtuigd dat niemand daar bewust aan mee doet en dat niemand die verschillen wil maken. Voor U en mij een signaal om daar eens méér aandacht aan te schenken om op die manier het begrip van samenhorigheid en eensgezindheid een juist gestalte te geven. U zult waarschijnlijk willen weten wie ik ben. Dat kan. Ik ben Hans Slijkhuis en heb van 1947 tot 1981 bij het Korps Mariniers gediend.
Ben nu Sergeant-majoor der mariniers bd en heb in alle, toen koloniale, gebiedsdelen ter wereld voor langere periode gediend waaronder twee maal in Nieuw Guinea t.w. van 1953-55 en van begin 1960 tot eind 62. Ik acht mij dan ook bevoegd om de verschillen, zoals aangegeven, te herkennen en te onderstrepen met een blijvend respect voor iedere veteraan en de daaraan verbonden kameraadschap.
Dat die kameraadschap echt bestaat kan ik U verzekeren. Na meer dan 50 jaar heb ik een collega uit die pionierstijd wederom ontmoet en de draad van toen weer opgepakt, alsof er geen oponthoud was geweest. Het is een oud pelotonsverpleger die voor zijn werk stond en de status van oud-marinier en veteraan, op een gepaste en waardige wijze uitdraagt en niet doet aan zelfingenomenheid. Nogmaals: ik weet de verschillen want ik was er zelf bij.

Vlaardingen, 7 september 2005
Hans Slijkhuis.




Reünie 2004 Bronbeek Karel Doorman

 

                                    back