WIJ CHAUFFEURS.
 
ROp 7 december 1953 ben ik bij de Koninklijke Marine in dienst gekomen te  Hilversum, het toenmalige M.O.K.H. Na het volgen van de eerste militaire vorming ben ik naar de chauffeursschool gegaan, ook in Hilversum.
Op 15 juni 1954 werd ik overgeplaatst naar M.O.C. Voorschoten. Hier kwamen alle
beroeps en dienstplichtigen op voor een lichamelijke en geestelijke keuring. Ik heb er tot 1 maart 1956 dienst gedaan als chauffeur en was intussen bevorderd tot 1e klas.
Op 1 maart 1956 werd ik overgeplaatst naar Neder-lands Nieuw Guinea voor een term van anderhalf jaar. De plaats was het eiland Biak. Ik heb daar dienst gedaan als chauffeur autobusdiensten en bij tijd en wijle hielp ik met het vervoeren van goederen die per schip aankwamen vanuit Holland. Dit geschiedde met Diamond T10 truck met oplegger. Het merendeel van de auto's waar wij mee reden was door de Amerikanen achtergelaten o.a. G.M.C, Dodge Power, Willy jeeps, enz. Later zijn er Daf autobussen en vrachtwagens bijgekomen en Unimog-trekkers met nieuwe aanhang-wagens van Daf. Er was wel veel te reparen voor de automonteurs met dit oude spul.
In de vrije tijd die we hadden gingen we meestal zwemmen bij de Waterbasis vlakbij de nieuwe kazerne SORIDO.
Ik ben 2 maal met verlof naar Manokwari geweest. Dit was wel een verademing: een mooi strand en andere begroeiing en veel meer mooie vogels.
Op Biak liepen wij wacht 2 van de 3. Meestal deed ik dan dienst als busdienstchauffeur. Wij kregen 1 maal per week post vanuit Nederland en dat kwam dan met de Super Connie mee en dat was het enige contact met het thuisfront. Dat is tegenwoordig beter geregeld.

Veel te beleven was er niet op Biak. Een Chinese Toko en een fietsenmaker, een Chinees eethuisje, een paar gelegenheden waar een pilsje geschonken werd en dan natuurlijk niet te vergeten het militair tehuis "De Meerpaal" aan de Waropenweg 10. Daar kon je soms een Hollandse hap krijgen voor een redelijke prijs.
Op 3 september 1957 weer terug naar huis met de Super Connie van de K.L.M. Na een verlof van 6 weken weer aan de slag in Den Helder waar wij sliepen aan boord van Hr. Ms. Neptunus. De chauffeurs waren werkzaam vanuit de Atjehloods. Ik ben daar tot 28 april 1958 werkzaam geweest en ben toen overge-plaatst naar het vliegveld Valkenburg. Daar ben ik tot het eind van mijn dienstijd chauffeur geweest van de Commandant Marine Luchtvaart Dienst Kolonel A.J. de Bruin. Dat was een fijne baan.
Op 16 december 1959 heb ik op eigen verzoek ontslag gekregen. Ik ben weer bij mijn oude baas als chauffeur en als vertegenwoordiger zoetwaren en later op kantoor afdelingshoofd debiteuren, operator en programmeur geweest tot 1978. Toen ging het bedrijf dicht en ben ik na een opleiding voor rijschool-instructeur werkzaam geweest in mijn woonplaats.
Ik ben nu gepensioneerd en 70 jaar oud. Ik hobby nu met oldtimer auto's en heb er intussen 3, allemaal Opels. Nog even een opmerking mijnerzijds: er wordt maar weinig over de chauffeurs en automonteurs geschreven in diverse legerbladen, terwijl er toen toch veel door deze mensen gedaan is. Vooral in de tropen hebben zij er toch maar voor gezorgd, dat men van A naar B kwam en dat de goederen vanaf de schepen naar de voorraadmagazijnen getransporteerd werden! Of waren het dan toch de kaboutertjes die dit gedaan hebben…?
                 Chris B. C. Schaap - Emst.   
 back