Inmiddels was het 4 uur in de morgen en omdat we ten minste tot 7 uur moesten wachten om terug naar Sorong te kunnen, besloot ik om in de nabij gelegen kampong te vragen of we daar mochten slapen. “Geen probleem”, volgens de kepala kampong. Wat die man nog zo laat op deed was me een raadsel, maar we kregen een hutje toegewezen en daar bleek een stretcher in te staan.
Nu waren wij beiden niet helemaal helder meer en ik stelde voor, dat Johnny maar gebruik van die ene stretcher moest maken. Ik zou dan wel op de grond gaan liggen: marinier toch! Nu was het aardedonker in die hut en konden dus niet goed zien hoe het er van binnen uitzag. Johnny zakte gelijk door die stretcher heen toen die ging liggen en gelet op de toestand waar we ons in bevonden zijn we toch in slaap gevallen.

De zon stond inmiddels al hoog aan de hemel, toen ik wakker werd. Johnny lag nog te pitten. Het was nu dus zondag. Ik keek Johnny aan en moest eerst goed in mijn ogen wrijven. Wat zag die jongen eruit! Wat bleek: we hadden in een hut gelegen waar de bevolking van die kampong regelmatig een potje kookte en de grond lag bezaaid met houtskool en troep, waar wij dapper in hadden liggen draaien. Wat zagen wij beiden eruit! Niet normaal meer, zo zwart als twee zwarte Pieten!
We moesten natuurlijk terug naar Sorong en de opmerkingen die we te voorduren kregen waren niet van de lucht. Op Sorong aangekomen kroop ik als een speer in een taxi. Weten jullie nog: twee gulden ongeacht de afstand en liet me naar de kazerne vervoeren. Johnny kon gelijk aan boord van zijn schip gaan en ik beloofde, dat ik in de loop van de dag nog wel even zou oplopen.
 

Goed, bij de kazerne aangekomen en me dicht bij de wacht te hebben laten afzetten, stapte ik uit, melde me correct bij de onderofficier van de wacht met de woorden: “Marinier 2 zm Dreves terug van de kerk” en liep meteen door, daar ik mijn passagierskaart natuurlijk niet had ingeleverd. 50 meter verder keek ik nog even om en de man stond als aan de grond genageld schijnbaar zo onder de indruk, dat het niet in hem opkwam om even uitleg te vragen over de staat waarin ik verkeerde.
Snel naar de barak gelopen uitgekleed, gemandied en toen rap onder mijn klamboe gedoken. Inmiddels werd mijn lang kaki weer piek fijn gewassen en gestreken door een Papoea jongen voor een of twee gulden, dat weet ik niet precies meer en na weer aardig bij de mensen te zijn gekomen besloot ik eens te gaan kijken hoe het met Johnny was gegaan.
Bij aankomst aan boord en gevraagd te hebben naar Johnny, kon me mij al snel mededelen dat Johnny voorlopig arrest was aangezegd in afwachting van verdere strafmaatregelen. Ik ben toen maar van boord gegaan en de verdere avond gepast doorgebracht.
Nadat de Evertsen een paar dagen later weer uitgevaren was ben ik Johnny helaas uit het oog verloren ik hoop alsnog, dat de straf voor hem is meegevallen en Johnny mocht je dit soms lezen alsnog excuus en ga nooit met een marinier op stap, want dat loopt meestal uit de hand.
 

                              NEXT