ECHO’S [5]

Wij kregen te horen dat er 4 plaatsen gereserveerd waren in een burgerkist en de volgende morgen klaar moesten staan op de air strip. Hoewel we in de voorafgaande wachtdagen onze uitrusting kaki broek en hemd zo schoon mogelijk hadden gewassen, onze oude afgetrapte lage schoenen hadden gerepareerd en weer zo zwart als mogelijk was gepoetst, Wat niet voorhanden was, werd geleend. Met gebietste oude scheermesjes en scharen werd getracht iets aan onze gezichten te doen. We waren wel vergeten dat onder onze wilde haardos niet gebruind waren, ook had onze huidskleur door de vele geslikte antimalariapillen een gele kleur gekregen. Het was ons bij gebrek aan spiegels nog niet eerder opgevallen dat we een piraatachtig uiterlijk hadden gekregen. Dat werd nog verhoogd door krabben en open gesneden pukkels tijdens het snelscheren. Zo vertrokken we naar het verwachte vliegtuig. Eén van ons had een Amerikaanse officierspet gevonden en de rest hadden de blauwe RAAF-cap opgezet. We deden het maar zonder onze zwarte KNIL korporaals driehoekjes. Het regende zoals het alleen in de tropen kon regenen en drijfnat, ondanks de rubberen tentzeiltjes beklommen we de KLM Constalation. Wij werden opgewacht door twee stewardessen. Sjonge we wisten niet meer dat zulke mooie grote blonde vrouwen bestonden. We hebben hen met open monden staan aanstaren. Temeer daar zij onze natte zeiltjes op een klerenhanger probeerden te hangen. Op slag waren we onze bravoure kwijt, een handtekening zetten op reispapieren en het vast- gespen van de stoelriem waren de enige handelingen waar we op dat moment nog in staat waren. 

Wat een luxe aan boord, zoiets hadden we niet eerder meegemaakt. We hebben de vlucht uren stil doorgebracht, ook al omdat we snel bemerkte dat de overige aanwezige dames en heren zich afvroegen uit welk gesticht deze knapen waren losgebroken. Het bleek achteraf dat de naoorlogse KLM, met deze vlucht hun wereldrondje completeerde. Hoewel het onze meest comfortabele vliegreis was met veel natjes en droogjes, wisten we na de landing op Kemajoran niet hoe gauw we uit deze voor ons nieuwe luxe burgerkist konden ontsnappen. Achteraf niet zo beleefd, maar we stonden als eersten op de vliegtuigtrap. Toen brak het geweld los, een muziekcorps begon te spelen, camera’s zoemden. We werden meegetroond naar een podium er werden toespraken gehouden en eindelijk begrepen we dat we een stukje KLM geschiedenis meemaakten. Door ervaring wijs geworden slopen we naar de achterste gelederen van de aldaar aanwezige burger- en militaire autoriteiten waar we een lange rij taxi’s ontwaarden. Instappen en wegwezen, na een flinke rit doemde het aanmeldingsadres op. Het bleek een kazerne. Dat leek ons, vrije vogels als we waren nu niet de allerbeste huisvesting voor een uitbundig kerstverlof. We hadden geen overleg nodig om ons er uit te bluffen. We lieten de chauffeur langs de wacht rijden, die prompt een geweersaluut bracht naar het stafbureau. Makkelijk te vinden want het leger maakt er een gewoonte van die gewijde plaats zeer duidelijk op borden aan te geven. We melden ons als kwartiermakers van een groot detachement verlofgangers uit Biak. “Nooit van gehoord” zei de luitenant van dienst. Ook dat het nogal druk was gezien de komende feestdagen en onze komst niet was aangekondigd. 

Next